donorkind, Gevonden!

Evenbeeld

Door Sophie Raeymaekers

15 jaar lang zocht ik naar mijn evenbeeld. Op 11 oktober 2008, bijna 5 jaar na onze ontdekking, kwam mijn eerste persartikel over donorkind zijn de wereld in. Ik zou het eerste kind in België zijn, dat durfde met naam, toenaam en foto, onthulling te doen wat het betekende om donorkind te zijn. Ik had een wens, mijn biologische vader te vinden en een platform mee op te richten zodat donorkinderen elkaar konden vinden, steunen en informeren.

Ik weet nog dat ik volgende hardop zei: “De kans dat ik ooit zal weten wie mijn biologische vader is, is erg klein. En toch is de hoop niet dood. Het blijft een diep verlangen. En een gemis. Ik lijk zelfs niet eens op mijn moeder, zie je? Ik wil weten van wie ik mijn creativiteit geërfd heb, mijn liefde voor architectuur. Ik wil zo graag met hem kunnen praten over wat ons bindt.”

Nog eens 6 jaar later in 2014 startte mijn zus en ik VZW Donorkinderen België. Een vereniging gericht op het geven van voorlichting op het vlak van donorconceptie.

Ongeveer een jaar geleden kwam mijn droom uit. Ik vond een halfzus en mijn biologische vader.

14 jaar lang had ik gewenst, gedroomd, gehoopt. Rekening gehouden dat het waarschijnlijk nooit mogelijk zou zijn, maar toch bleef een klein sprankeltje hoop leven. Niet weten wie je biologische vader is, waar je vandaan komt is een groot gemis.

Toen kwam de dag dat ik met ontzettend veel geluk en stamboomervaring van mijn zus, de puzzel rond had en een groot vermoeden had wie hij zou zijn. Mijn allergrootste moed verzamelde ik en schreef hem een brief, recht uit mijn hart. In de hoop dat hij me niet zou afwijzen. Want die kans bestaat natuurlijk altijd.

4 dagen na mijn bericht, mailde hij me terug en gaf me te kennen dat hij 2 maanden later de tijd zou hebben, om me te ontmoeten. 2 maanden, een ander zou denken, wtf zo lang! Maar ik vond het oké, had er de rust in, want ik had al zolang gewacht.

We ontmoetten elkaar, in een café, niet ver van mijn werk. Wat bleek, dat hij al 2 jaar een paar honderd meter van mijn werk woonde. Al 2 jaar passeer ik zijn huis en zijn straat, niets vermoedend dat mijn biologische vader zich al die tijd zo dicht bij mij vandaan bevond.

De ontmoeting was onwezenlijk, want het blijft een vreemde voor je. Het is aftasten of er verbinding ontstaat of niet. Of diegene wel werkelijk voor je openstaat, voor verder contact. Zoekend naar evenbeelden, gelijkenissen en verschillen. 1 uur om je een beeld te vormen, wie de man is die je de mogelijkheid heeft gegeven om te leven. 1 uur om te vragen en te delen. 1 uur alsof je leven ervan afhangt. Na dat ene uur, is je leven niet meer wat het was. Beelden verschuiven, ook je spiegelbeeld.

Het bleef bij dat ene uur, omdat … omdat ik weet het niet. Omdat het waarschijnlijk te complex is en te moeilijk is. Omdat er zoveel meer mensen, familieleden bij betrokken zijn. Omdat een donorkind, niet altijd datgene is waarop je zit te wachten.

Doch sta ik niet aan zijn stoep, 150 m verder. Maar kijk ik elke ochtend over mijn linkerschouder naar zijn voordeur, en elke avond over mijn rechterschouder, met een glimlach op mijn gezicht. En toch zal mijn hoop nooit sterven. Het is en blijft een diep verlangen. Ik wil nog steeds graag met hem kunnen praten over wat ons bindt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *