Gevonden!

In twee dagen van “What if?” naar “Gevonden!”

Gastblog door Perla Schippers-Anröchte

‘Ik hoef niet perse mijn vader te vinden; de goede man is al flink op leeftijd en ik weet niet in hoeverre ik dan misschien een gezin overhoop gooi. (…) Ik ben er dan ook nog niet over uit hoe diep ik wil gaan graven, maar ik voel dat het antwoord zichzelf wel zal aandienen als de tijd rijp is.’

Dit schreef ik nog op 29 juli in mijn gastblog ‘What if?’ en twee dagen later was alles anders. Twee dagen later vond hij mij. Mijn donor, mijn vader… vond míj.

Telefoontje

Het was maandag en ik liep in een winkel, toen ik een e-mailtje kreeg dat er iemand contact met me zocht in verband met de donor naar wie ik op zoek was. Bij het zien van de naam Willem wist ik direct: hij kent ‘m óf het ís ‘m. Ik liep naar buiten, het zonnetje in, en klikte op het nummer. De telefoon ging een aantal keer over voor hij opnam. “Goedemiddag, met Perla Schippers. Ik kreeg een e-mailtje dat u naar me op zoek was,” zei ik, met bonzend hart. “Dat klopt”,  hoorde ik. De vriendelijke oudere man aan de andere kant van de lijn vertelde dat hij lang geleden in Leiden gedoneerd had en dat hij bij de uitzending van Hollandse Zaken van 22 juni de gegevens van de donor had herkend. “En dat ben ik”, zei hij kalm. “Wauw…” bracht ik ademloos uit. “Ik heb nu gewoon mijn vader aan de lijn…”

We spraken even, in mijn herinnering wel een kwartier, maar volgens mijn telefoongeschiedenis duurde het gesprek maar vijf minuutjes. “Als je me nog wilt zien, moet je opschieten”, grapte hij en hij stelde zelf een ontmoeting voor. Intussen was ik op een stenen randje gaan zitten, kijkend hoe mijn hand trilde, maar met de grootste glimlach ooit op mijn gezicht. “Nou, heel graag! Wanneer zou het schikken?” vroeg ik, vermoedelijk luider dan nodig was. Onmiddellijk kwam het antwoord: “Morgen?” Wauw, morgen al. Wat geweldig! Nadat we een locatie en een tijdstip hadden afgesproken, bedankte ik mijn vader en hing op met een blij: “Tot morgen!” Tot morgen

De ontmoeting

Mijn wereld was in deze vijf minuten totaal ondersteboven gekieperd. Ik wist nu dat mijn vader niet alleen nog leeft, maar ook nog gezond is, ik had de namen van mijn halfzussen gehoord en ontdekt dat ik meerdere neefjes en nichtjes heb! Ongeveer stuiterend van blijdschap belde ik mijn man, die totaal sprakeloos was. Het werd een intense avond waarop ik minstens tien keer: “Ik weet nu wie mijn vader is!” jubelde. Die nacht sliep ik niet veel en van de ochtend herinner ik me maar weinig, maar dat is natuurlijk niet verrassend.

Samen met mijn man reed ik naar de afgesproken plaats en met een grote bos bloemen stapte ik gespannen naar binnen. Even keek ik rond, maar ik zag hem direct, in een net hemd met een rood vest erover, naast zijn vrouw Nel, aan een tafeltje bij het raam.

Ik gaf ze een hand en we gingen met zijn vieren zitten, waarna koffie en taart al gauw volgden. Mijn ogen waren in sponzen veranderd, ze zogen ieder detail van Willem op; de bovenkant van de neus die ik ook heb, zijn vriendelijke ogen, de glimlach die om zijn herkenbare mond speelde…

Feest van herkenning

We begonnen te praten, over mijn zoektocht, over hoe hij me op internet vond, wat hij allemaal gedaan heeft in zijn leven en waarom hij spermadonor werd. Hij wilde mensen helpen, kinderwensen uit laten komen, omdat hij op zijn werk in een verzorgingshuis bij kinderloze ouderen had gezien hoeveel verdriet zij hadden van de eenzaamheid. Dat zij spijt hadden nooit kinderen te hebben gekregen. Wat warm en nobel. Ik kreeg foto’s te zien van mijn halfzussen en hun prachtige gezinnen, mocht vragen stellen en dingen noteren die voor mij belangrijk zijn. Het was een feest van herkenning! “Je bent sprekend zijn moeder”, zei Nel. “Goh”, dacht ik verwonderd, “Ze heeft het nu over mijn oma…”

Er zijn best veel overeenkomsten qua karakter, wat ik geweldig vond om te merken. Er zijn dus gewoon eigenschappen die verankerd zijn in je DNA. Ik zal een klein voorbeeld noemen. Tijdens het gesprek zag ik onder een andere tafel een muisje lopen. “Kijk, een muis”, zei ik, zonder erbij na te denken. Willem en Nel keken om. “Jij ook met je beestjes altijd, midden in een gesprek”, verzuchtte mijn man. “Nou! Dat doet hij nou ook áltijd!” lachte Nel beschuldigend, wijzend op haar man. Hij grijnsde. Het is waar. Ik raak snel afgeleid door de natuur. Nooit had ik beseft dat dit niet is aangeleerd door mijn natuurliefhebbende moeder, maar dat het écht in mijn DNA zit. “DNA liegt niet”, zei ik eveneens grijnzend.

Willem zei met nadruk dat hij niet verder in de media wil, wat ik beloofde te respecteren. Wat het moet betekenen om op zo’n leeftijd nog een dochter te ontmoeten, kan ik niet eens bevatten. Het is niet niks, voor ons allemaal niet. Natuurlijk hoop ik op meer, maar als het hierbij blijft, dan ben ik alsnog een dolgelukkige vrouw. We wisselden contactinformatie uit en ik bedankte mijn vader en zijn vrouw opnieuw voor dit prachtige cadeau.

‘Ongelooflijk hoe dingen kunnen veranderen’ schreef ik vorige week. De ironie van mijn eigen woorden is me niet ontgaan…

En nu?

Nu is alles anders. Ik ben bijna zeventien jaar wees geweest, maar dat klopt opeens helemaal niet meer. Ik heb nu een vader! Ik ben Willem en Nel immens dankbaar dat ik ze heb mogen ontmoeten en ik heb diep respect voor hun moed in deze bijzondere, maar lastige situatie.

Morgen ben ik jarig. Eerlijk; een mooier verjaardagscadeau had ik nooit kunnen bedenken. Toen ik in november aan mijn zoektocht begon, had ik mijn 33e verjaardag als een soort ijkpunt genomen: hopelijk weet ik vóór mijn verjaardag in elk geval íets over mijn donorvader. Nu is een groot vraagteken veranderd in een hele bijzondere, intelligente en hartelijke man. Wie weet wat er verder nog voor moois op mijn pad komt, maar deze ontmoeting, dit uiteindelijke ‘weten’ en de berusting die me dit geeft, neem ik voor altijd met me mee.

Liefs, Perla

N.B. De gebruikte namen zijn om privacyredenen gefingeerd.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *